zondag 20 februari 2011

Vondel



Ergens in de Roothergroeve kwam ik, in een mooi regelmatig handschrift, deze regels tegen:

Gods roeden die het
lichaam plagen zijn
bezems om de ziel te vagen

Ik heb er een foto van genomen en opgeborgen (digitaal wel te verstaan) met de bedoeling om er op een later tijdstip nog eens naar te kijken.
Afgelopen week was zo’n moment daar: foto’s nakijken in de hoop je een mooi plaatje of opschrift tegen komt in je verzameling waar mogelijk een verhaal achter zit. Dit opschrift heb ik al vaker aangeklikt, niet echt gelezen en weer weggeklikt. Nu heb ik het iets langer op het beeldscherm laten staan om het wel echt te lezen en jawel: het is een dichtregel en niet van de eerste de beste: onze dichter des vaderlands Joost van den Vondel, hij leefde van 1587 tot 1679 en was in zijn tijd echt een beroemdheid. Hij schreef onder andere gedichten, po√ęzie, hekeldichten en toneelstukken waarvan de “Gijsbrecht van Aemstel” een van de bekendste is. Joost van den Vondel stierf op de zeer hoge leeftijd van 91 jaar en kon het zelfs toen niet nalaten om dit te hekelen met zijn eigen graftekst:

Hier leit Vondel zonder rouw,
Hy is gestorven van de kouw

Deze Joost van den Vondel heeft zijn tekst natuurlijk niet zelf geschreven bij ons in de Roother groeve maar een of ander (hoogstwaarschijnlijk godsvruchtig en gekweld) persoon vond het de moeite waard om deze regels te noteren. Het is gewoon een van de zeer vele, misschien wel tienduizenden, anonieme en ongedateerde opschriften die onze groeven sieren, en soms valt er wel eens eentje op die net iets anders is . . . .

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen